Josh Homme (QOTSA) interview
// OOR \\

En dat is nummer zeven: Villains. Josh Homme heeft de manschappen verzameld om de heerschappij van rock & roll-machine Queens Of The Stone Age andermaal te onderstrepen. Al in januari praatte Troy Sanders van Mastodon zijn mond voorbij over de geheime opnamesessies. Vanaf april kon het echte teasen beginnen: met mysterieuze Instagram-posts, een video waarin Homme werd ondervraagd met een leugendetector (‘Is het waar dat het nieuwe album is geproduceerd door niemand minder dan Mark Ronson?’) en de release van eerste single The Way You Used To Do. OOR sprak Homme in Londen voor een deep dive in Villains én het wezen van Queens Of The Stone Age. ‘Voor mij is het altijd een punkband geweest.’

‘Heb je zin in tequila?’ Dat heb ik wel, zeker als Josh Homme het vraagt. Het is twee uur ‘s middags en de roodharige reus is toe aan een oppepper. Even daarvoor heeft hij snel een sigaret gerookt op het ruime balkon. De 44-jarige Amerikaan oogt ontspannen. Hij maakt het zich gemakkelijk in het penthouse op de zevende verdieping van The London Edition, een vijfsterrenhotel met een rafelrandje. Het personeel loopt er keurig bij, maar hier en daar valt een tatoeage of piercing te ontwaren. Josh Homme, rock & roll gentleman pur sang, is perfect op zijn plek.

Twintig jaar bestaat Queens Of The Stone Age nu. Twee decennia waarin Homme, de enige constante in de band, zijn invloed steeds groter zag worden. Vanuit de Californische woestijn ontpopte hij zich tot drijvende kracht achter de fameuze Desert Sessions, mentor en bandmaatje van Jesse Hughes in Eagles Of Death Metal en evil genius achter de transformatie van Arctic Monkeys op Humbug. In 2009 zag supergroep Them Crooked Vultures het licht, met naast Homme ook Nirvana’s Dave Grohl en Led Zeppelins John Paul Jones in de gelederen. Zijn meest recente wapenfeit is Post Pop Depression, de plaat die hij vorig jaar uitbracht met Iggy Pop. De les van deze uiteenlopende exercities: geeft Homme je de gelegenheid om toe te treden tot zijn wereld, of ‘jacuzzi’ zoals hij het zelf noemt, dan is je muzikale waarde boven elke twijfel verheven.

Behalve rockgeschiedenis schreef Homme ook familiegeschiedenis. In 2003 ‘redde’ hij Brody Dalle uit een turbulent huwelijk door zijn tong in haar mond te steken voor een fotoreportage in Rolling Stone. Dalle, zangeres/gitarist van The Distillers en Spinnerette, was in 1997 op 18-jarige leeftijd getrouwd met de toen 32-jarige Rancid-frontman Tim Armstrong. De buitenechtelijke affaire leidde tot een scheiding, doodsbedreigingen van Armstrong aan het adres van Homme en publieke verwensingen over en weer. Inmiddels zijn Homme en Dalle alweer tien jaar getrouwd en hebben ze drie kinderen: Camille (11), Orrin (6) en Wolf (1). De initialen van de jongens heeft hij in inkt laten vereeuwigen op zijn knokkels, onder grootouders ‘Cap’ en Cam’. Op zijn hart staat in sierlijke letters ‘Camille’ geschreven.

VIER KOPPEN KOFFIE EN EEN UPPER

Vergelijk de Homme van nu met de Homme van 1997 en je ziet dat de tijd nauwelijks vat heeft op de veertiger. Die priemende blauwgroene ogen kijken nog net zo uitdagend de wereld in, die kop is nog net zo robuust. Hij zweert al jaren bij jeans, lage leren laarzen en een vette gelkuif. Alleen het matje in zijn nek is nieuw. Zodra ik de kamer binnenstap schiet mijn blik onmiddellijk naar het donkere jasje waarop grote rode rozen geborduurd zijn. Aan zijn natuurlijke coolheid doet het niets af. Integendeel. Homme is het type man dat zelfs in een bloemetjesjurk nog onversneden mannelijkheid uitstraalt.

Als Josh Homme in een ruimte is, dan is hij er ook echt. Niet alleen vanwege zijn imposante fysiek, grofgebouwd en 1.93 meter lang, maar ook door de manier waarop hij kijkt, praat, jongensachtige grapjes maakt (‘Now let’s all get naked!’) en zijn best doet om de sfeer erin te brengen. Als tourmanager Kevin Carter vraagt of hij wat mee naar boven moet nemen, zegt Josh: ‘Ik wilde net tequila bestellen.’ En tegen mij: ‘Wil je ook iets, man? Want ik denk dat we onszelf hier doorheen moeten drinken. Wil je een Paloma? Grapefruitsap en tequila, een lekker middagdingetje.’

Ik gooi twee nummers van OOR op tafel. Op de eerste, van juni 2013, loert Homme arrogant de camera in. Zijn linkeroog hangt half dicht, een brandende peuk bungelt in zijn mondhoek. Op de tweede, van maart 2016, leunen hij en Iggy tegen een boom, de blik andermaal arrogant. Homme kijkt er half naar, lacht een gouden tand bloot en vouwt zijn getatoeëerde knokkels rond de armleuningen van zijn stoel. Het is een praatstoel, zo blijkt. Met ‘vier koppen koffie en een upper’ in zijn mik schotelt het woestijnorakel me de ene na de andere fantastische oneliner voor. Zijn antwoorden zijn niet altijd even coherent, maar duidelijk is dat hier een creatieve geest aan het werk is.

In het interview uit 2013 zeg je dat …Like Clockwork het eerste album was waarbij je géén duidelijk einddoel voor ogen had. Was de focus terug voor Villains?

Voel de je suspense? Lees de rest van het interview op Blendle.